Een
Bescheiden Voorstel
Datum: 11 juni 2004 | Printerversie
<<< Terug
naar Index
Ongewoon denken over gewone ervaringen
Geïnspireerd door een citaat toegeschreven aan Albert
Einstein:
“ De problemen van vandaag kunnen niet op hetzelfde
denkniveau opgelost worden als waarop ze gecreëerd
zijn.”
Acceptatie tegenover
instemming
Acceptatie en instemming zijn niet hetzelfde en ook sluit
het een het ander niet uit. Een tijd lang gaf ik er dezelfde
betekenis aan en daardoor blokkeerde ik mijn vermogen tot
acceptatie. Toen ik het verschil tussen deze beide begreep,
kon ik steeds meer situaties en mensen accepteren. Wat is
de beloning voor acceptatie? Wat heb ik daar voor belang
bij?
Voor mij en vele andere
mensen, wordt spirituele liefde gedefinieerd als onvoorwaardelijke
acceptatie – geen voorwaarden, geen beperkingen, geen
eisen – alleen maar acceptatie van wie er op het moment
aanwezig is of van wat er op het moment gebeurt. Toen ik
begon te “worstelen” met dit idee, had ik moeite
om het in overeenstemming te brengen met het “accepteren”
van seriemoordenaars, tirannen, verkrachters, makers van
computervirussen, SPAMMERs en degenen die ik in het algemeen
beschouwde als “boeven”. En hoe kon ik verschrikkelijke
ongelukken, vroegtijdig sterven, fatale of slopende ziektes
waar geen genezing voor is, en gebeurtenissen zoals de 11
september verwoesting van de twin towers in 2001 accepteren?
Het leek mij dat door deze mensen en gebeurtenissen te accepteren,
ik ook aangaf het ermee eens te zijn, en ik kon het in geen
enkel opzicht eens zijn met zulke verschrikkelijke mensen
en gebeurtenissen.
Als instemming en acceptatie
synoniem zijn, dan bestond er voor mij absoluut geen manier
waarop ik kon houden van de dingen die in de wereld gebeuren
en die zoveel pijn, wanhoop en verdriet veroorzaken. Dus
was mijn vermogen tot liefhebben beperkt tot de dingen die
ik als “goed” zag - de bijzondere mensen in
mijn leven, prachtige gebieden op Aarde, honden en een heerlijke
maaltijd, om maar iets te noemen. Die zijn gemakkelijk.
Houden van een verfoeilijk iemand of iets is een stuk moeilijker.
Sommige mensen beweren dat men spirituele groei kan meten
door het gedrag van iemand te observeren wanneer zijn leven
op drift raakt en niets meer lijkt te werken. Het schijnt
dat tegenspoed in sommigen het beste en in anderen het slechtste
naar boven brengt. Ik denk dat het “beste of slechtste”
resultaat een werking van spirituele evolutie is.
Daarop doorgaand denk
ik ook dat spirituele evolutie eenvoudig gemeten kan worden
aan mijn vermogen om onvoorwaardelijk lief te hebben en
te accepteren ongeacht waar ik ben of met wie ik ben. Dat
is eenvoudig maar niet gemakkelijk. Dus, ben ik terug bij
het punt om onderscheid te maken tussen acceptatie en instemming.
Laten we eerst eens naar instemming kijken.
Als ik met iets instem,
dan geef ik aan dat ik me er bij aansluit, dat ik het ondersteun
en erin geloof en dat het een “juiste” manier
is. Ik stem in met het principe dat alle kinderen, overal
ter wereld, het recht hebben op goede voeding, gezondheidszorg,
opleiding en verzorging. Ik stem in met het vestigen van
wereldvrede. Ik stem in met het idee van universele mensenrechten
waarbij alle mensen worden gerespecteerd en geëerd
voor het feit dat ze ermee hebben ingestemd weer aan een
volgend menselijk leven te beginnen. Ik stem in met het
eren van de Aarde en het zijn van een goede hoeder, en ga
zo maar door.
Al deze instemmingen
houden per definitie ook acceptatie in. Hoe kan ik iets
niet accepteren waarmee ik instem? Als acceptatie gedefinieerd
wordt als eenvoudig erkennen dat iets bestaat en dat vanuit
een spiritueel perspectief het recht heeft om te bestaan
(wat niet betekent dat het voor mij “juist”
is) dan houdt instemming automatisch acceptatie in. Het
omgekeerde is echter niet waar, acceptatie betekent geen
instemming. Waarom niet?
Denk eens na over de
twee aspecten van acceptatie in de vorige paragraaf. Ten
eerste is daar de erkenning dat iets bestaat. Lijkt eenvoudig,
nietwaar – misschien wel, misschien niet. Ik weet
dat er vele voorbeelden in mijn leven zijn waar ik mijn
hoofd in het zand stak – het struisvogel syndroom
– en geen besef had van wat er gebeurde, of misschien
juister gezegd, er de voorkeur aan gaf om er tot op zekere
hoogte niets mee te maken te hebben. “La, la, la –
zijn er mensen die honger lijden in mijn gemeenschap? Wel,
ik zie er geen – moet een ongegrond gerucht zijn.”
Ik kan niet houden van
dingen waar ik mij niet bewust van ben, en ik kan, tot bepaalde
hoogte, mijn aandacht wel degelijk richten op dingen die
ik interessant en aantrekkelijk vind, dingen waar ik mee
kan instemmen – hoe gemakkelijk! Als ik op die manier
te werk ga, dan zijn acceptatie en instemming zeker hetzelfde,
en dan is er voor mij geen “tegenover” waar
ik overeenstemming in moet brengen.
Jammer genoeg heeft
mijn spirituele evolutie tot nu toe erin geresulteerd dat
ik veel meer dingen besef dan toen ik nog comfortabel sliep.
Ik kan het ongelukkig zijn en de ellende die zo alom heersen
in grote delen van de wereld, niet langer negeren. “La,
la, la” werkt niet meer, dus kan ik mijn acceptatie
niet langer beperken tot de dingen waarmee ik instem. Zie
hier het tweede aspect van acceptatie: “het recht
(van alles waarvan ik me op het moment bewust ben) om te
bestaan.” Deze verklaring is weliswaar riskant en
zal ongetwijfeld bij sommigen niet lekker vallen. Hoe kan
zoiets als verkrachting of moord een “recht”
hebben om te bestaan en hoe kunnen de personen die ze plegen
het recht daartoe hebben?
Deze vraag wordt in
vele vormen en op vele plaatsen vaak gesteld. Het is een
vraag waar veel mensen mee worstelen (zoals ik heb gedaan)
tijdens het persoonlijk onderzoeken en definiëren van
hun spiritualiteit (in tegenstelling tot het door iemand
aan beide kanten van de vraag te worden verteld wat te geloven).
Het antwoord ligt denk ik, in deze verklaring: “We
hebben geen idee wat in het beste en hoogste belang is van
iemand, onszelf inbegrepen.” Een logisch gevolg daarvan
is: “We hebben geen weet van het “levensdrama”
dat anderen voor zichzelf hebben geënsceneerd voordat
ze weer incarneerden, en dus hebben we het recht niet om
te oordelen over wat hen of anderen die erbij betrokken
zijn, overkomt.”
Het is voor mij moeilijk,
maar nodig, om verschrikkelijke mensen, daden, en gebeurtenissen
te accepteren. Het is nodig omdat het mijn oprechte wens
is om onvoorwaardelijk te houden van zo veel mogelijk dingen
in mijn leven en van de mensen daarin. Ik hoef niet in te
stemmen met wat er gebeurt, maar als ik spiritueel wil blijven
groeien (en ja, ik ben daar nog lang niet klaar mee), dan
geloof ik dat mijn bereidheid tot onvoorwaardelijk accepteren,
verplicht is. Leren leven met mensen en gebeurtenissen waarmee
ik niet instem is een van de grootste uitdagingen in mijn
leven en daardoor een van de grootste beloningen.
Mijn Bescheiden Voorstel
aan jou is om je begrip van acceptatie en instemming met
elkaar in overeenstemming te brengen en zo veel mogelijk
dingen in het leven onvoorwaardelijk te accepteren en ervan
te houden. Dat is waar het bij spirituele evolutie om gaat.
Dat je met mededogen
onderscheid mag maken…
Ron McCray